Feng Shui is een 3000 jaar oude filosofie. In de Feng Shui wordt er uitgegaan dat alle energieën met elkaar in balans zijn. Letterlijk vertaald betekend Feng wind en Shui water. Wanneer Feng Shui goed op je huis wordt toegepast dan zal dit gezondheid, harmonie en geluk brengen. Slechte feng Shui staat op zijn beurt voor een slechte gezondheid, pech en problemen. Als je Feng Shui op een goede manier toepast dan zal je huis prettig aanvoelen, je voelt je er gemakkelijk. Je kan op redelijk eenvoudige wijze Feng Shui toepassen. Je veranderd dan de Chi ofwel de levenskracht stroming binnen een ruimte. Het is daarom ook niet gek dat Feng Shui veel wordt toegepast in de modern architectuur. Een architect moderne woning zal sneller kiezen voor Feng Shui dan traditionele architectuur.

De principes van Feng Shui

Er zijn 3 verschillende principes van Feng Shui. De eerste is dat alles leeft. Dat wil zeggen dat energie overal door heen stroomt. De tweede is alles is met elkaar verbonden. Hoe hij je huis inricht is een afspiegeling van hoe jij je voelt. Als laatste alles verandert. Feng Shui gaat mee in de verandering.

Architectuur met Feng Shui

De ingang van het huis is een van de belangrijkste aspecten van Feng Shui. Een duidelijke en gemakkelijk te vinden ingang is belangrijk. Het is het beste als er een gemakkelijk te volgen pad is van de straat naar de voordeur en dat de voordeur en hal open en ruim zijn. Vermijd absoluut een andere door of raam direct aan de overkant van de voordeur. Met de kamers kun je het beste de positie van de keuken, de eetkamer en thuiskantoren dicht bij de voordeur doen. Hier wordt het meeste tijd gespendeerd door familie en bezoekers. Privé kamers zoals slaapkamers kun je beter verder in het huis doen. Dit creëert veel meer rust. Qua trap moet je absoluut geen wenteltrap pakken. Deze zijn desoriënterend en passen niet in de Feng Shui. Als laatste kun je het beste vierkante en rechthoekige vormen gebruikten. Dit klinkt saai maar draag bij aan een rustig huis.